COLUMN

Anita Winter

[…] Paulus zei: ‘Ik heb de aanhangers van de Weg tot de dood vervolgd’ (Handelingen 22: 4).

Een jonge moslim staat op het strand van een klein eilandje. Zijn zeer jonge vrouw en hun kindje zitten even verderop in de schaduw van wat bomen. Wanhopig kijkt de man naar het snelstromende water. Ziet hij daar niet de vin van een haai boven het water uitsteken? Hoe is hij hier ooit gekomen? Waarom is hij hier eigenlijk gekomen?

Ach ja, hij weet het wel. Hij voelde zich in Nederland aan de kant geschoven, gediscrimineerd op de arbeidsmarkt en afgewezen door samenleving en politiek, altijd met wantrouwen bekeken. En toen kwamen die berichten over een groep moslims die een eigen staat wilden stichten. Ze vroegen moslims uit de hele wereld om te helpen een veilige plek voor alle noodlijdende moslims te creëren. Het sprak hem aan: hij zou iets goeds doen voor zijn geloofsgenoten èn hij zou eindelijk respect krijgen. Dat er gevochten zou moeten worden, maakte zijn rol alleen maar heldhaftiger. En zo verliet hij Nederland op weg naar een glorieus bestaan.

Al snel maakte hij deel uit van een groep strijders. Hun gebied breidde zich steeds meer uit. Dat daarbij ook onschuldige mensen gedood werden, deed hij af met het ‘het doel heiligt de middelen’. Als er eenmaal een moslimstaat gevestigd was, zou dat niet meer hoeven. Maar na verloop van tijd keerden de kansen. Hij begon steeds meer moslimbroeders te verliezen. Gelukkig had een vriend een jonge vrouw voor hem gevonden. Zij – en later hun kind – vormde het enige vaste punt in zijn bestaan.

De situatie verslechterde, hun gebied werd steeds kleiner, het regime steeds wreder, niet alleen tegen vijanden, maar ook tegen onwillige medebroeders. Op een dag vielen hem de schellen van de ogen. Hij zag in dat hij een verkeerde keuze had gemaakt. Dat hij schuldig was of op z’n minst medeschuldig aan de dood van veel onschuldige mensen. Hij probeerde manieren te bedenken om weg te komen. Maar hun gebied was een eiland geworden, omgeven door snelstromend water vol met haaien. Er was geen ontsnappen aan.

Ten einde raad had hij één van zijn weinige flessen opgeofferd om een briefje te sturen aan de Nederlandse regering: ‘Help mij, of in elk geval mijn vrouw en kind. Ik heb verschrikkelijke dingen gedaan, ik wil daarvoor mijn verantwoordelijkheid nemen. Straf me, maar haal ons hier uit!’ Hij verwachtte er niet veel van. Maar sneller dan hij had gedacht, verscheen aan de overkant van het water minister Grapperhaus met een megafoon: ‘Je hoeft niet te rekenen op hulp van de Nederlandse justitie. Door eigen schuld zit je in deze problemen. Zwem met je vrouw en kind naar de overkant, dan zal ik jullie arresteren en in Nederland vervolgen!’

Toen de Joden een aanslag op Paulus’ leven beraamden, brachten de broeders hem naar Ceasarea en stuurden hem van daar naar Tarsus (parafrase Handelingen 9: 29-30).

Anita Winter, 8 maart 2019


Jezus zegt: De oogst is groot, maar arbeiders zijn er weinig; vraag dus de eigenaar van de oogst of hij arbeiders wil sturen om de oogst binnen te halen.

Lc 10:1-9

Geef ruimhartig aan Kerkbalans!

Actie Kerkbalans 2019 is gestart.
Er gebeurt veel moois in de kerk. Waardevolle gesprekken, inspirerende diensten en uiteenlopende activiteiten. Lees verder >