Op vrijdag 24 januari j.l. is de ‘Maand van de Bijbel’ afgetrapt in het klooster in Egmond. Speciaal in deze maand willen we een aantal vertaaldilemma’s uitlichten die bijbelvertalers geregeld tegenkomen.

Wat voor dilemma’s komt een bijbelvertaler zoal tegen? Neem bijvoorbeeld het woord heidenen. Het woord komt zo’n honderd keer voor in de Nieuwe Bijbelvertaling (NBV) en is sommigen een doorn in het oog. Zij vinden het onnodig negatief en denigrerend – een woord dat mensen wegzet.

Hebben de critici een punt? ‘Heidenen’ heeft in de Nederlandse taal inderdaad een ongunstige bijklank. Het wordt vrijwel altijd in negatieve zin gebruikt, als aanduiding van niet-gelovigen, in het bijzonder niet-christenen.

(Andere) volken
Waar in de NBV ‘heidenen’ staat, gaat het vaak om ‘de volken’, ha-gojjim in het Hebreeuws, ta ethnê in het Grieks. Dit is een vaste aanduiding van de volkerenwereld vanuit Joods perspectief. Het gaat om alle andere volken, de niet-Joden. In bepaalde contexten, vooral in poëzie, werkt het goed om over ‘de volken’ te spreken: ‘waartoe leidt het woeden van de volken?’ (Psalm 2:1) Soms kun je beter spreken van ‘alle volken’, om het wereldwijde perspectief over te brengen, of ‘de andere volken’, als het om het onderscheid met Israël gaat: ‘Ik heb jullie van de andere volken onderscheiden om mijn volk te zijn.’ (Leviticus 20:26)

In het Nieuwe Testament komen we daarnaast ook geregeld ‘de heidenen’ tegen als aanduiding van de niet-Joodse volkerenwereld. Is die vertaling dan op zijn plaats?
Vaak wel, want in veel gevallen kiest de NBV voor ‘heidenen’ als er in het Grieks ook echt iets negatiefs meeklinkt. Zoals in Marcus 10:33: ‘We zijn nu op weg naar Jeruzalem, waar de Mensenzoon zal worden uitgeleverd aan de hogepriesters en de schriftgeleerden, die hem ter dood zullen veroordelen en hem zullen uitleveren aan de heidenen.’

Niet-Joden
Maar er zijn ook andere gevallen, waar het gaat over Joden tegenover niet-Joden. Zo schrijft Paulus in Galaten 2 dat waar God Petrus heeft aangesteld als apostel voor de Joden, Hij Paulus heeft aangewezen als apostel voor de niet-Joden, de andere volken. In zulke teksten kun je het woord ‘heidenen’ beter vermijden. Een voorbeeld staat in Galaten 2:12, waar Paulus tegen Petrus van leer trekt. ‘Hij at altijd met de heidenen …,’ zegt de NBV. Dit gaat over niet-Joodse christenen. Die zijn van heidense afkomst, maar beslist geen heidenen in onze betekenis van het woord. Daarom is hier de vertaling ‘Hij at altijd met de niet-Joden …’ beter.

Iets minder heidenen in de Bijbel, wie kan daar tegen zijn?

Matthijs de Jong
Hoofd vertalen bij het Nederlands Bijbelgenootschap

bron: debijbel.nl /blog – Nederlands Bijbelgenootschap

Dit zegt de Heer: Wees niet bang, mijn dienaar, die ik heb uitgekozen. Ik zal water uitgieten op dorstige grond, waterstromen over het droge land. Ik zal mijn geest uitgieten over jou.

Js 44:1-5

Beleidsplan 2019 – 2025

Met twee bijlagen:
bijlage 1. financiën, personeel en gebouwen
bijlage 2. verwerking van de opmerkingen van gemeenteleden op het concept beleidsplan
Lees verder >