COLUMN

Wilma Beukhof

De eerste week van januari staat in ons gezin in het teken van de tandarts. Het is dan nog vakantie, dus is het wat gemakkelijker om dan een tandartsbezoek te plannen. Iedereen zit tenslotte ver weg op school, en als je dan overdag een keer naar een tandarts moet, kost je dat meteen een halve schooldag. We hebben dat met onze oudste dochter meegemaakt die naar de orthodontist in Uithoorn moest, terwijl ze in Gouda op school zat. Eens in de zes weken miste ze een halve dag school. De andere kinderen zijn dan ook in Gouda naar de orthodontist gegaan. Die zit zo ongeveer tegenover de school en heeft een goed belegde boterham met zo’n grote scholengemeenschap als buurman. En het kost de kinderen hoogstens een lesuur. Niet dat zij het overigens zo erg zouden vinden om een halve dag te moeten verzuimen voor dergelijke medische zaken!

Enfin, de tandarts dus, als goed begin van het nieuwe jaar. Vroeger gingen we met alle kinderen tegelijk. Het was voor de tandarts lopendebandwerk: een kind in de stoel, een ander (of soms wel twee) met een fluoridebehandeling aan het aanrecht, en mama met de rest op de begeleidersstoel. Vanaf een jaar of twee mochten de kleintjes ook in de grote stoel, en werd er gekeken met een lampje en een spiegeltje. En omdat ze het al vaker bij hun grote broer en zussen hadden gezien, was dat nooit een probleem. Ook omdat ze wisten dat er aan het eind een beloning wachtte. De tandarts heeft een grote bak met kleine speeltjes: stuiterballen (dat vooral), vliegtuigjes, potloodpoppetjes, en meer van dergelijke kralen en spiegeltjes. Ze waren altijd gek op de stuiterballen. Mama iets minder, nadat ze er -tig keer over gestruikeld was in huis.

De laatste weken hebben we diverse keren de assistente van de tandarts aan de telefoon gehad: of de afspraken verzet konden worden, want de tandarts wilde plotseling een paar dagen vrij. Tja, die man of vrouw (er zijn er meerdere) weet natuurlijk ook niet al in de zomervakantie wat hij of zij rond de jaarwisseling wil. Zelfs onze vakanties zijn niet zeker, want onze oudste zoon loopt momenteel stage en dat bedrijf draait gewoon door in de eerste week van januari, en hij dus ook.

Ik realiseerde me, dat we zaken wel vaker ver van tevoren plannen. Toen wij in de meivakantie naar Israël wilden, was dat al ruim een half jaar daarvoor geboekt. Vroeger sloot ik nooit een annuleringsverzekering af, maar de laatste jaren ben ik me er toch meer bewust van geworden dat het leven heel onvoorspelbaar is. Je weet nooit wat het gaat brengen. Dat kan heel klein zijn, een kind dat een gat in zijn hoofd valt en naar de dokter moet om gehecht te worden, of een sterfgeval waarover je op een gewone ochtend, net voor je boodschappen wilt gaan doen, een telefoontje krijgt en waarvoor je actie moet ondernemen. Of je stapt van een stoel (ja, ik weet het, dat moet ik ook met een trapje doen!), verstapt je en zit vervolgens zes weken in het gips.

Dat onvoorspelbare herken ik steeds meer, zal wel met mijn leeftijd te maken hebben. En toch hád ik het kunnen weten! Jakobus zegt het al (Jak. 4:13-17): “U, die niet weet wat er morgen gebeuren zal, want hoe is uw leven? Het is immers een damp, die voor een korte tijd verschijnt en daarna verdwijnt.” En dan hoe we daarmee om zouden moeten gaan: “In plaats daarvan zou u moeten zeggen: Als de Heere wil en wij leven, dan zullen wij dit of dat doen.” Ook in 2019!

Hoe zou de tandarts dit vinden?

Wilma Beukhof, 4 januari 2019


Jakobus schreef: God geeft aan iedereen zonder voorbehoud en zonder verwijt.

Jak 1:5-8

Geef ruimhartig aan Kerkbalans!

Actie Kerkbalans 2019 is gestart.
Er gebeurt veel moois in de kerk. Waardevolle gesprekken, inspirerende diensten en uiteenlopende activiteiten. Lees verder >