COLUMN

Gerrit Oud

Noordwest Turkije, halverwege de eerste eeuw. Het is al donker wanneer er een gil klinkt. Uit het raam van een helder verlicht bovenzaaltje is een jongeman drie verdiepingen naar beneden gevallen. Eutychus, zo heette hij, had met vele anderen zitten luisteren naar een bevlogen spreker, ene Paulus, en was even weggezakt toen diens preek maar duurde en duurde. Paulus had zijn preek gestopt, was naar beneden gerend en had de jongen in zijn armen genomen. En waar de rest hem al dood hadden verklaard, zei Paulus ‘Hij leeft!’ en sprak na het breken van het brood nog lang met de leerlingen.

Op het eerste gezicht lijkt Lucas een pleidooi te houden om de preek niet te lang te laten zijn. De jongen die zich aanvankelijk relaxt in de marge heeft teruggetrokken, verveelt zich letterlijk dood. Of wil Lucas laten zien dat Paulus een wonder verricht zoals voor hem Elia met de zoon van de weduwe uit Serafat? Maar Paulus hoeft daar blijkbaar niet eerst God voor aan te roepen. Wellicht heeft Lucas een andere boodschap met dit verhaal.

Wat mij opvalt, is het werkwoord dat Lucas gebruikt (ἐπέπεσεν, ´hij omhelst´), hetzelfde dat hij gebruikte in de gelijkenis van de verloren zoon, waar de oude vader zijn jongste zoon omhelst wanneer die berooid en beschaamd thuis komt. Hetzelfde dat de Griekse vertaling van het Oude Testament gebruikt, wanneer de oude Jacob door zijn zoon Jozef wordt omhelsd in Gosen.

Zo valt er meer op zijn plek: net als Paulus naar de jongen toekwam, kwamen de oude vader en Jacob naar hun zonen toe. Jacob had in de veronderstelling verkeerd dat Jozef dood was, de oude vader zei zelfs ‘Mijn zoon was dood en is weer levend geworden.’ Paulus’ woorden ‘Hij leeft!’ accentueert Lucas knap door de tegenstelling van de helder verlichte bovenzaal en de duisternis op straat. En dan het vervolg: in Gosen is voedsel in overvloed, de oude vader laat het gemeste kalf slachten en Paulus breekt het brood. Alsof hij een wonder nodig had om eraan herinnerd te worden, dat het Woord niet het enige sacrament is.

En waar zou hij nog zo lang met de leerlingen over gesproken hebben? Over het zien van het leven dat in de jeugd aanwezig is in plaats van het kijken naar al hun fouten. Over het wonder van het leven dat leeft in de gemeente, zelfs aan haar randen. Uit onderzoek blijkt dat ook twintigers verlangen naar de saamhorigheid van een geloofsgemeenschap, ondanks de individualistische tijd waarin ze leven. Maar ze willen wel het gevoel krijgen dat ze gezien worden. ‘Mensen vragen mij soms: wat moeten we doen om twintigers terug in de kerk te krijgen? Draai die vraag eens om, zeg ik meestal: hoe kan en wil de kerk present zijn in de leefwereld van twintigers?’[1]

Gerrit Oud, 26 mei 2017


[1] D. Berensen, Deel je leven, uitnodigend kerkzijn met twintigers. (voor €5 tekoop in de webwinkel van de PKN)



Saint Paul Restoring Eutychus to Life
Artist: Taddeo Zuccaro (Italian, Sant’Angelo in Vado 1529–1566 Rome)
Date: 1529–66
Medium: Pen and brown ink, brush with brown wash, highlighted with white gouache, over black chalk, on gray paper
Dimensions: sheet: 13 1/4 x 18 1/8 in. (33.7 x 46.1 cm)
Credit Line: Rogers Fund, 1967

Paulus zei: Ik maak mijn getuigenis zonder onderscheid aan iedereen bekend, namelijk dat Christus zou lijden en dat hij als eerste van de doden zou opstaan om aan alle volken het licht te verkondigen.

Hnd 26:1-23

Geef ruimhartig aan Kerkbalans!

Actie Kerkbalans 2019 is gestart.
Er gebeurt veel moois in de kerk. Waardevolle gesprekken, inspirerende diensten en uiteenlopende activiteiten. Lees verder >