COLUMN

Saskia de Jong


Juist op Dierendag mag ik de column schrijven voor de nieuwsbrief en daarom gaat het (uiteraard) weer over mijn katten.

Ik doe niet speciaal iets extra’s voor mijn 2 katten (resp. 17 jaar en 10 maanden oud), met Dierendag, want ik vertroetel ze het hele jaar door. Tenminste, vaak krijg ik te horen dat ik ze verwen en dat zal best zo kunnen zijn. In de gang liggen pingpongballetjes her en der, staan 2 grote krabpalen en ook enkele proppen papier slingeren in de gang. In mijn woonkamer hebben ze ongeveer de helft van de bank beschikbaar met 2 badlakens, waaronder ze graag wegkruipen dan wel bovenop liggen. De jongste ligt graag tegen de oude aan op de bank, maar samen in de (grote of een kleine) mand liggen vindt ze ook prettig. De oudere kat laat het een en ander ‘gewoon’ toe: ze reageert tamelijk onverstoorbaar en is niet snel onder de indruk van het kleintje. Via een kattenluikje kunnen ze op het balkon komen, waar een klimpaal staat met plankjes waarop ze graag zitten c.q. liggen. Ook de kattenbakken staan op het balkon. En nee, ze kunnen niet van het balkon afspringen; dat is geregeld.

Mijn jonge poes vindt het (kennelijk) helemaal geweldig op het balkon. En dan met name in de avond en nacht loopt ze in en uit. Met haar gitzwarte vacht kan zij dan alles zien zonder dat zij gezien wordt. Maar ze loopt lang niet altijd in en uit: ze kan ook met een ‘enorme’ vaart vanaf het balkon naar binnen komen rennen om vervolgens door het huis te ‘vliegen’ als een ‘razende Roelandina’ of omgekeerd. En, zoals een goede kat betaamt, ligt ze natuurlijk bij voorkeur in of op de stoel, waarin ik net daarvoor zat.

Maar sinds half september mogen ze niet meer op het geliefde balkon, omdat mijn flat verduurzaamd zal worden. En dat vinden ze duidelijk niet leuk: de oude dame lijkt het niet zo zeer een probleem te vinden, maar het kleintje is duidelijk minder content met deze wijziging. Ze mist het balkon blijkbaar wel: het rengebied is kleiner geworden.
Maar elk nadeel heeft ook een voordeel: het aanrecht is nu ontdekt en dat is erg interessant voor haar. Zo staat er vaak nog een schaaltje, waarin alleen nog wat kleine ‘sporen’ van mijn kwark-met-muesli-ontbijt aanwezig zijn. Maar deze ‘sporen’ zijn voor haar uiteraard een lekkernij, die ze niet aan zich voorbij laat gaan. Voor mij betekent dit dus dat ik goed moet nagaan wat er op het aanrecht staat en zien op te ruimen dat wat haar belangstelling zou kunnen hebben.
Mijn gangdressoir heeft ook haar innige aandacht gekregen. Ik had hier een 2-euromunt liggen, die ik de volgende ochtend dus op de grond aantrof én de deurmat, die voor de deur naar de kleine hal ligt, lag niet meer op zijn plek: ze had hem verplaatst in har (verbeten) zoekactie naar de 2-euromunt, die onder de mat was geraakt. Enkele dagen later kon ik dit deurmat-en-2-euromunt-schouwspel van dichtbij meemaken en heb ontzettend kunnen lachen om haar capriolen met de deurmat.

Wat er verder in de nachtelijke uren gebeurt, dat weet ik niet; maar iedere morgen rond een uur of 6 word ik steevast gewekt met gekrabbel aan mijn slaapkamerdeur door ze, omdat het dan schijnbaar tijd is voor hun ontbijt.

Saskia de Jong, 4 oktober 2019


God heeft Christus als hoofd aangesteld voor de kerk, die zijn lichaam is, de volheid van hem die alles in allen vervult.

Ef 1:15-23

Beleidsplan 2019 – 2025

Met twee bijlagen:
bijlage 1. financiën, personeel en gebouwen
bijlage 2. verwerking van de opmerkingen van gemeenteleden op het concept beleidsplan
Lees verder >