MET HET OOG OP ZONDAG

Ds. Gert Jan de Bruin


Het evangelie van de zondag vertelt over Jezus die Simon en Andreas roept terwijl ze aan het vissen zijn. Ze krijgen niks te horen over geschiktheidseisen die gelden voor een volgeling van Jezus. Ze hoeven niet in te zitten over eigen ontoereikendheid, Jezus kijkt naar hun mogelijkheden.

Het evangelie wil dat elke hoorder en lezer het besef krijgt geroepen te worden. Dat is niet iets van gisteren en eergisteren. Het is van eminent belang dat we vandaag onszelf in die vissers ontdekken. Dat we elkaar aanstoten en zeggen: ‘Zie ons toch eens, druk in de weer met onze netten.’ Hoe druk kunnen we soms zijn met werk,  huishouden, de kinderen, mantelzorg, een rapport dat geschreven of gelezen moet worden, met vrijwilligerswerk, een verhuizing, met… vult u maar in.

Nu kan iemand zich wel met die vissers identificeren, maar Jezus komt toch niet vandaag voorbij? Of toch wel? Misschien moet je dan wel je oren en ogen heel goed de kost geven. Zou het kind van Maria ons niet kunnen roepen in iemand die ons nodig heeft? Kunnen we niet geroepen worden als we in een situatie terecht komen die een appèl doet op onze verantwoordelijkheid. Ik las ooit over een boer die meemaakte dat een Engelse piloot in de oorlog neerkwam op zijn grond. ‘Ik had er niet om gevraagd’ zei die boer, ‘maar toen hij daar gewond op mijn terrein lag, wist ik wat me te doen stond.’ Van het ene op het andere moment was de piloot zijn verantwoordelijkheid geworden. In die zin kan er op elk moment aan onze netten getrokken worden, kan er een stem klinken die om ons vraagt.

Simon wordt geroepen met aandacht voor wie en wat hij is. Simon hoeft geen timmerman of metselaar te worden. Op een nieuwe manier mag hij verder gaan met zijn oude beroep. Simon mag mensen in nood uit het water gaan ‘vissen’. Ik zal van jou een visser van mensen maken, zegt Jezus hem. Simon mag dus doen waar hij al goed in is. De kwaliteiten die hij heeft, worden op een nieuwe manier aangesproken. Uw en mijn roeping heeft derhalve te maken met waar we aanleg voor hebben. Hoe zou ons gevraagd kunnen worden, waar wij totaal ongeschikt voor zijn?

Het rooster geeft als evangelie aan: Matteüs 4: 12-22



De roeping van Petrus en Andreas
Duccio di Buoninsegna ca. 1255 – 1319
tempera op paneel (43 × 46 cm) — 1308-1311
National Gallery of Art, Washington

Getoond wordt het moment waarop Jezus de vissers Petrus en Andreas tot zich roept. Ze halen net op dat moment een vol net op uit het meer. “Volgt Mij na, en Ik zal maken, dat gij vissers der mensen zult worden”, zegt Jezus.

Duccio di Buoninsegna is italiaans schilder, geboren, werkzaam en overleden in Siena. Over zijn persoon is weinig bekend; de enige bronnen zijn officiële stukken. Zo weten we dat hij getrouwd was en zeven kinderen had.

Voor zover bekend hebben tien van zijn werken de eeuwen doorstaan. Het werk is een van de panelen van Duccio’s beroemde veelluik, de Maestà, een altaarstuk in de Dom van Siena, gemaakt in opdracht van het stadsbestuur.
De aan beide zijden beschilderde Maestà mat oorspronkelijk 5×5 meter. De titel slaat op het centrale deel ervan, dat een tronende Maria met Christus op schoot toont. Daaromheen bevonden zich tientallen kleinere panelen. Oorspronkelijk bestond het altaarstuk uit 84 panelen. Het werk werd vervaardigd tussen 1308 en 1311; in 1711 werd het uit elkaar gehaald. De meeste delen zijn nog altijd te bezichtigen in Siena.


Dit zegt de Heer: Wees niet bang, mijn dienaar, die ik heb uitgekozen. Ik zal water uitgieten op dorstige grond, waterstromen over het droge land. Ik zal mijn geest uitgieten over jou.

Js 44:1-5

Beleidsplan 2019 – 2025

Met twee bijlagen:
bijlage 1. financiën, personeel en gebouwen
bijlage 2. verwerking van de opmerkingen van gemeenteleden op het concept beleidsplan
Lees verder >