Activiteiten

juni
2

02 juni 2016, 20;00 - 22;00

juni
3

03 juni 2016,

juni
3

03 juni 2016, 16;30 - 18;00

juni
5

05 juni 2016, 10;00 - 11;30

juni
5

05 juni 2016, 10;00 - 12;00

Uitgelicht

 

Kerkelijk Bureau
Handweg 119
1185 TW Amstelveen
telefoon 020 6413648

 

Aanmelden voor de Nieuwsbrief
 

 

  • OPMAAT

    ds. Marianne Bogaard

     

    Ze zijn niet te geloven, deze mensen....

     

    Zoiets staat er wanneer Johannes vertelt dat Jezus op het Paasfeest in Jeruzalem is. Veel mensen komen tot geloof in zijn naam. Maar Jezus had geen vertrouwen ...

  • COLUMN

    Gerrit-jan Maris

     

    Laatst hoorde ik iemand zeggen: “In de Bijbel geloven, dat is toch zo achterhaald. Wie laat zijn leven  nou bepalen door zo'n oud boek. Dat hebben we nu toch niet meer nodig?”

    Toen ik later nog eens aan die ...

OPMAAT

ds. Marianne Bogaard

 

Ze zijn niet te geloven, deze mensen....

 

Zoiets staat er wanneer Johannes vertelt dat Jezus op het Paasfeest in Jeruzalem is. Veel mensen komen tot geloof in zijn naam. Maar Jezus had geen vertrouwen in hen.

 

In de oorspronkelijke tekst klinkt dat nog directer, omdat twee keer hetzelfde werkwoord wordt gebruikt. Velen vertrouwden in zijn naam, maar Jezus vertrouwde zich niet aan hen toe. Of: Velen geloofden in zijn naam, maar Jezus zelf geloofde hen niet. Zoiets.

 

Want hij wist wat er in een mens omgaat, voegt Johannes daaraan toe.

 

Dat is geen opwekkend begin van Johannes’ boodschap. Het evangelie is hier amper twee hoofdstukken oud. Zijn we daar inmiddels niet aan voorbij in de kerk, zo’n negatief mensbeeld?

Alsof de mens niet geneigd is tot enig goed?

 

Ja, zou ik volmondig willen zeggen. Maar ik moet er tegelijkertijd eerlijk bij zeggen dat het soms inderdaad niet te geloven is wat er op intermenselijk vlak gebeurt. Hoe vaak vertrouwen in kleine kring of op grote schaal wordt geschonden.

 

Die bredere context resoneert mee. Dit gaat niet alleen over de mensen in Jeruzalem....

 

Ds. Marianne Bogaard preekt in de Paaskerk over Johannes 2:23-3:16

Zondag 22 mei

 

Jezus en Nicodemus

Anonymus

pentekening (20 × 27 cm) — ca. 1655

Albertina, Wenen

Dit werk is gekoppeld aan Johannes 3:3

 

Nicodemus was een Farizeeër en lid van de Hoge Raad. Hij zag Jezus wonderen verrichten. Op een avond bezoekt hij Jezus om uitleg te krijgen over diens leer.

In het gesprek zegt Jezus onder meer dat iemand opnieuw geboren moet worden om in het Koninkrijk Gods te komen.

Sommige kenners stellen dat hier een geheel ander moment wordt uitgebeeld, namelijk de verkondiging aan de priester Eli dat zijn familie ten onder zal gaan.

 

Deze tekening werd gezien de stijl lang aan Rembrandt toegeschreven, maar die toewijzing is inmiddels verworpen.

COLUMN

Gerrit-jan Maris

 

Laatst hoorde ik iemand zeggen: “In de Bijbel geloven, dat is toch zo achterhaald. Wie laat zijn leven  nou bepalen door zo'n oud boek. Dat hebben we nu toch niet meer nodig?”

Toen ik later nog eens aan die uitspraak terug dacht moest ik denken aan de Engelse letterkundige en journalist G.K. Chesterton. Toen hij tot bekering kwam verweten mensen hem dat hij een slaaf geworden was.  Hij schrijft in 1929 hierover het volgende:

 

“Ik heb dit onderwerp gekozen, omdat ik geloof dat vele achtenswaardige mensen zich verbeelden, dat ik zelf een slaaf ben.  ..…..  Het is eenzelfde slavernij als die van ieder normaal mens, die een spoorboekje raadpleegt. Ook hij acht een bepaalde autoriteit betrouwbaar, hetgeen volkomen redelijk is. Het zou inderdaad nog al moeilijkheden met zich meebrengen om eerst met iedere trein afzonderlijk mee te reizen, teneinde te ontdekken waar hij heen gaat.

Het zou nog meer moeilijkheden opleveren om naar het eindpunt te reizen teneinde te ontdekken of het wel veilig was om de reis te beginnen.

Neem aan, dat er plotseling een paniek zou ontstaan, waardoor men zou gaan menen , dat het spoorboekje een onderdeel was van een samenzwering, die ten doel had , spoorwegongelukken te veroorzaken dan zou het toch nog mogelijk zijn, dat iemand de reisgids als een gids beschouwd en wist dat de paniek maar een paniek was, maar hij zou dan toch van het bestaan van de paniek op de hoogt zijn”

 

Wat weten wij mensen nou over de treinreis van ons leven? Wat de bedoeling van de reis is? Waar hij vandaan komt en waar de reis naar toegaat? En wat voor gevaren we misschien onderweg tegen kunnen komen? Deze dingen kunnen we niet uit onszelf weten. Is het dan echt onverstandig om de Reisgids te lezen die ons daar meer over vertelt?

Chesterton vroeg zich af of zijn criticasters niet zelf in een toestand van slavernij bevinden, omdat ze het tegenovergestelde van hun overtuiging vaak niet echt kennen.

Hoeveel mensen die de Bijbel verwerpen weten nou echt wat er in staat?

 

Daar ligt voor ons Bijbellezers een mooie taak. Om met Chesterton te spreken:

“Wij moeten hen doen inzien, dat een bekering het begin betekent van een actief, vruchtbaar, vooruitstrevend en zelfs avontuurlijk geestesleven”

 

Citaten: G.K.Chesterton – 'The Thing' 1929 (Ned.Vertaling: 'Waar het om gaat' – 1947)

 

Gerrit-jan Maris, 4 maart 2016

 

 

Rond het jaar 1650 bezat menig protestants gezin een huisbijbel, waaruit na de maaltijd werd voorgelezen en waarin men de leer van de eigen specifieke geloofsgemeenschap herkende. De gereformeerden hadden sinds 1562 de Deus-aes bijbel gebruikt, waarvan het Oude Testament gebaseerd was op de Duitse Luther vertaling.

De naam ging terug op de verklaring die Luther van de bijbeltekst Numeri 3:5 had gegeven. De term "deus-aes" of "twee-enen" is ontleend aan het dobbelspel en verwees naar de armen, zodat deus-aes zoveel betekende als "armen-bijbel".

De Synode van Dordrecht (1618-1619) gaf echter opdracht voor de vervaardiging van een nieuwe, door de Staten-Generaal gefinancierde vertaling. Deze vertaling zou bekend worden onder de naam Staten vertaling of Statenbijbel en verscheen in 1637.