Activiteiten

Door een technische storing worden

 

de komende activiteiten momenteel

 

niet getoond.

Uitgelicht

 

Kerkelijk Bureau
Handweg 119
1185 TW Amstelveen
telefoon 020 6413648

 

  • OPMAAT

    ds. Mirjam Buitenwerf

    Ons geloof en de wereld waarin we leven zijn niet altijd goed op een lijn te brengen. Soms komen ze ronduit met elkaar in conflict. En dat kan heel lastige dilemma’s opleveren.

    Aanstaande zondag lezen we een Bijbeltekst die gaat over het betalen van belasting ...

  • COLUMN

    Kees van Leeuwen

     

    Een redelijk groot deel van mijn leven  heb ik mij bezig gehouden met het verleden. Vooral met een tamelijk ver verleden: de jaren tussen duizend en vijftienhonderd na het begin van onze jaartelling. Maar ook omtrent de ontwikkelingen daarna ben ik wel het een en ...

OPMAAT

ds. Mirjam Buitenwerf

Ons geloof en de wereld waarin we leven zijn niet altijd goed op een lijn te brengen. Soms komen ze ronduit met elkaar in conflict. En dat kan heel lastige dilemma’s opleveren.

Aanstaande zondag lezen we een Bijbeltekst die gaat over het betalen van belasting (Matteüs 22:15-22). De tegenstanders van Jezus vragen hem of het is toegestaan de keizer belasting te betalen. Met die vraag proberen ze hem te dwingen om een keuze te maken: kiest hij voor de keizer of kiest hij voor de tempel, met andere woorden: kiest hij voor de wereld of voor God? Maar Jezus laat zich niet dwingen. Uiteindelijk blijven de tegenstanders verbaasd achter. Want wat bedoelt Jezus nu precies met die mysterieuze uitspraak: ‘Geef dan wat van de keizer is aan de keizer, en geef aan God wat God toebehoort’?

 

Ds. Mirjam Buitenwerf gaat voor in de dienst op zondag 22 oktober in de Kruiskerk, 10.00 uur.

 


De cijnspenning

Titiaan (1487/90 – 1576)

olieverf op paneel (79 × 70 cm) — ca. 1515

Museum Gemäldegalerie Alte Meister, Dresden

 

Dit werk is gekoppeld aan Mattheüs 22:19

 

Een groepje Farizeeërs probeert Jezus in de val te lokken door hem een politieke uitspraak te ontlokken: mogen Joden belasting betalen aan de Romeinse keizer? Jezus vraagt om hem een penning te tonen, met daarop de beeltenis van de keizer. Hij zegt dan: "Geef dan wat van de keizer is aan de keizer, en geef aan God wat God toebehoort".

 

Titiaan toont Jezus met een zachte, bleke huid, en de Farizeeër met een donkere, verweerde huid. Vijftig jaar later maakte hij nog een schilderij over het thema.

COLUMN

Kees van Leeuwen

 

Een redelijk groot deel van mijn leven  heb ik mij bezig gehouden met het verleden. Vooral met een tamelijk ver verleden: de jaren tussen duizend en vijftienhonderd na het begin van onze jaartelling. Maar ook omtrent de ontwikkelingen daarna ben ik wel het een en ander te weten gekomen. Wanneer ik dan ook het geheel der gang van zaken tussen het jaar duizend en het heden overzie, valt het me op dat er op een aantal levensterreinen duidelijk sprake is van een zekere en soms zelfs grote vooruitgang. Daar staat echter tegenover dat er ook aspectenzijn aan te wijzen waar van de voortgang nu niet direct aanleiding geeft om over de veranderingen te juichen.

 

Wat mij bij gesprekken met mensen van mijn leeftijd over huidige situaties opvalt, is dat zij bij de beoordeling daarvan nog wel eens willen uitgaan van toestanden en denkbeelden uit het verleden, meestal uit het nabije verleden. Idealen, meningen en gewoonten uit de tijd dat zij nog jong waren, vormen de maatstaf bij de vorming van hun waardering over het hedendaags  doen en laten. Om het nog op een andere manier onder woorden te brengen: mijn leeftijdgenoten willen het verleden  nog wel eens normatief stellen voor de beoordeling van hedendaagse situaties en opvattingen. "Vroeger was het beter" hoort men nog wel eens zeggen.  Daarbij gaat men er vanuit dat er eertijds minder geweld, minder misdaad, minder onrecht en zedenverval was maar dat daarentegen opofferingsgezindheid, eerlijkheid en aandacht voor de medemens veelvuldiger aan de dag gelegd werd.

Wat men zich bij het koesteren van dergelijke denkbeelden veelal niet realiseert, is dat we van dat verleden veel minder weten dan van het heden. Door de toename van de communicatiemiddelen wordt het mensdom thans met veel meer nieuws - en nieuws is tegenwoordig vooral slecht nieuws - geconfronteerd  dan voorheen het geval was, toen men ook niet zo sterk de behoefte had om de vuile was buiten te hangen. Derhalve, wanneer we een oordeel over aangelegenheden uit onze eigen tijd uitspreken, moeten we ons wel bewust zijn dat we van het heden veel meer ( negatiefs) weten dan van vroegere periodes!

 

Bovendien, bij het beoordelen van opvattingen, daden en gedragingen van de mensen in de verschillende periodes uit de geschiedenis, speelt er nog een andere factor een grote rol. Iedere periode kende een eigen levenssituatie, waarin religie, politieke opvattingen en omstandigheden, wetenschap, economischer en sociale toestanden en denkbeelden een eigen inhoud en karakter hadden. Maar al die aspecten beïnvloedden elkaar op een voor die tijd eigen wijze en daarom kende ook ieder tijdvak zijn eigen normen en waarden. Veranderde  de levenssituatie, dan wijzigde zich ook de inhoud daarvan. Met de toename van de intensiviteit en de snelheid  in het huidige menselijke bestaan, zoals wij dat ervaren, wordt ook de snelheid waarmee onze normen en denkbeelden zich wijzigen, steeds groter. Naar mijn mening is dat de oorzaak van het feit dat ouderen moeite hebben met het leven in de huidige tijd en daardoor in de fout vervallen huidige ontwikkelingen te beoordelen op grond van normen en waarden, die uit hun jonge jaren komen.

 

Om te voorkomen dat ik ook zelf aan dat euvel ga lijden, lijkt het me verstandig met deze column mijn bijdragen aan de kerkelijke Nieuwsbrief te beëindigen.

 

C.G. van Leeuwen,  20 oktober 2017